Penning 200-jarig bestaan van "De Wyngaard" 1857




Gedenkpenning op het 200-jarig bestaan van

Toneel-vereniging "De Wijngaard" Brussel.


Materiaal: Brons.

Bewerking: Geslagen.

Massa: Onbekend.

Diameter: Ø 50 mm.

Aanmaakplaats: Parijs.

Médaileur: N. Dargent

Datering: 1857


Voorzijde: Binnen een opstaande gladde boord.

Een versierde buitencirkel.

Een gekroond wapenschild van de toneelvereniging.

Gelegen op een cartouche.

Het wapen bestaande uit een gestreept veld,

waarop een druiventros, gesteeld met twee bladeren.

Links versiert met een gebladerde eikentak.

Rechts versiert met een gebladerde lauliertak

Onder het wapen, een mascare-pot, kroon,

masker, zwaard, gesloten boeken en olielamp.

Met daaronder een banderol, met de tekst:

             GROEIEN EN BLOEIJEN

Onder de samengeknoopte bladertakken.

De initialen van de graveur

                  N D

Omschrift:

DE WYNGAERD TE BRUSSEL


Keerzijde: Binnen een geprofileerde boord.

Een allegorisch figuur, leunend op een pilaar.

In beide handen een lauwerkrans.

Voor haar een tablet op een sokkel met de datering

I657

I857

Opschrift:

TWEEHONDERDJARIG  /  JUBELFEEST

In de afsnede, de médailleur.

N. DARGENT F.



Lit.: Odis,Bruxelles au XIXe siècle: berceau d' un flamingantisme démocratique 1840-1873 (1979)

Toneel en theaterleven te Brussel na 1830.


_________________________________________________________


Penning op Eugeen Stroobant (1871)


Uit de collectie, Paul Callewaert.


Gedenkpenning op het 25 jarig voorzitterschap, van Eugeen Stroobant.

Toneel-vereniging "De Wijngaard" Brussel.


Materiaal: Brons.

Bewerking: Geslagen.

Massa: 46,65 gram.

Diameter: Ø51,2 mm.

Aanmaakplaats: Parijs.

Médailleur: N. Dargent.

Datering: 1871


Voorzijde: Binnen een opstaande boord.

Een versierde buitencirkel.

Een gekroond wapenschild van de toneelvereniging.

Gelegen op een schildhouder.

Het wapen bestaande uit een gestreept veld,

waarop een druiventros, gesteeld met twee bladeren.

Links versiert met een gebladerde eikentak.

Rechts versiert met een gebladerde lauliertak

Onder het wapen, een mascare-pot, kroon,

masker, zwaard, gesloten boeken en olielamp.

Met daaronder een banderol, met de tekst:

         GROEIEN EN BLOEIJEN

Onder de samengeknoopte bladertakken.

De initialen van de graveur

                 N D

Omschrift:

DE WYNGAERD TE BRUSSEL


Keerzijde: Binnen een opstaande boord.

In zeven regels.

                TER

      GELEGENHEID

          VAN ZIJN

          25JARIG

VOORZITTERSCHAP

       1846 - 1871

    HERINNERING


Omschrift:

JUBELFEEST DES HEEREN EUG. STROOBANT.

Versierde takkenkrans tussen een rozet.


Lit.: Odis,Bruxelles au XIXe siècle: berceau d' un flamingantisme démocratique 1840-1873 (1979);Toneel en theaterleven te Brussel na 1830.


Historische schets

De Wijngaard is een van de oudste verenigingen van Brussel. Zij voert eveneens de naam van de vroegere rederijkerskamer ’t Mariakranske. De vereniging speelde een belangrijke rol in het Brusselse amateurtoneel en in het ontstaan van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg.


De dubbele benaming verwijst naar een traditie die eigenlijk teruggaat tot op de vroegere Brusselse rederijkerskamers. Brussel had in de 15e eeuw vier kamers: Den Boeck (1401), De Violier (ca. 1470), De Lelie (ca. 1475) en De Corenbloem (1477). De Lelie genoot het meeste aanzien. In 1499 richtten leden van De Lelie de Broederschap van de Zeven Weeën op. De devotie van Onze-Lieve-Vrouw kende omstreeks 1490 een grote opgang o.m. onder impuls van het Bourgondisch-Habsburgse hof. De Lelie had ook goede relaties met het stadsbestuur en verkreeg hierdoor een bevoorrechte positie ten opzichte van de andere rederijkerskamers. De Violette was niet dom en fuseerden in 1507 maar al te graag met De Lelie. ’t Mariakransken was geboren en de devotie van de Zeven Weeën bleef een rode draad. In 1511 werd ’t Mariakransken onder bescherming van de vorst geplaatst. Na verloop van tijd verwaterde de band tussen de dynastie en ’t Mariakansken, maar de kamer bleef binnen Brussel een geprivilegieerde positie behouden en was gedurende de 16e eeuw de enige Brusselse kamer die mocht deelnemen aan de Brabantse landjuwelen.


In de 17e eeuw ontstonden de zogenaamde compagnies. In tegenstelling tot de vroegere rederijkerskamers waren dit gezelschappen die toneelproducties op poten zetten. Enkele van deze gezelschappen waren nieuw, andere waren een voortzetting van reeds bestaande. Tot op vandaag is het niet duidelijk of De Wijngaard uit of naast ’t Mariakransken ontstond. De Wijngaard – met devies Groeien en Bloeien - is alleszins de oudste vereniging van Brussel.


De Franse overheersing betekende een tijdelijke stopzetting van de activiteiten, maar onder de Hollandse regering kende De Wijngaard een nieuwe bloei. Meegaande met haar tijd onderging het gezelschap in 1822 een volledige verandering en richtte zich op taal- en letterkunde. Voortaan waren twee departementen elk met eigen statuten actief: een departement Toneelkunde en een departement Letterkunde. Na 1830 raakte de rederijkerskamers in het slop omdat ze van orangisme werden verdacht. Omstreeks 1839 blies de opkomst van de eerste flaminganten zoals Van der Voort De Wijngaard nieuw leven in en de vereniging ‘groeide en bloeide’ uit tot de ontmoetingsplaats van Brusselse flaminganten. Het was De Wijngaard die onder regie van een zeer jonge Felix Vande Sande de eerste openbare Nederlandstalige toneelvoorstellingen sinds de Belgische onafhankelijkheid bracht. De lange geschiedenis en de status van De Wijngaard – met de grote en lange rol van de voorzitter Eugeen Stroobants – maakte haar tot één van de belangrijkste amateurtoneelverenigingen in België.



Kwantitatieve gegevens

Een tiental jaren na de heroprichting in 1839, beschikte de Wijngaerd over een gezelschap van 25 acteurs, allemaal amateurs, en telt daarbij een honderdtal leden. (Gubin 1979, p. 187)


________________________________________________________


Prijspenning De Wyngaerd 1874


Prijspenning prijskamp 1874 van

Toneel-vereniging "De Wijngaard" Brussel.


Materiaal: Koper, verzilverd.

Bewerking: Geslagen.

Massa: Onbekend.

Diameter: Ø 51 mm.

Aanmaakplaats: Parijs.

Médaileur: N. Dargent

Datering: 1874


Voorzijde: Binnen een opstaande gladde boord.

Een versierde buitencirkel.

Een gekroond wapenschild van de toneelvereniging.

Gelegen op een cartouche.

Het wapen bestaande uit een gestreept veld,

waarop een druiventros, gesteeld met twee bladeren.

Links versiert met een gebladerde eikentak.

Rechts versiert met een gebladerde lauliertak

Onder het wapen, een mascare-pot, kroon,

masker, zwaard, gesloten boeken en olielamp.

Met daaronder een banderol, met de tekst:

         GROEIEN EN BLOEIJEN

Onder de samengeknoopte bladertakken.

De initialen van de graveur

                     N D

Omschrift:

DE WYNGAERD TE BRUSSEL




Keerzijde: Binnen een geprofileerde boord,

en brede bloemenkrans.

Binnen een binnen lijncirkel, in twee regels.

                       PRIJSKAMP
                              1874



_________________________________________________________



Penning 250-jarig bestaan van "De Wyngaard" 1907




Gedenkpenning op het 250-jarig bestaan van

Toneel-vereniging "De Wijngaard" Brussel.


Materiaal: Zilver.

Bewerking: Geslagen.

Massa: Onbekend.

Diameter: Ø 51 mm.

Aanmaakplaats: Parijs.

Médaileur: N. Dargent

Datering: 1907


Voorzijde: Binnen een opstaande gladde boord.

Een versierde buitencirkel.

Een gekroond wapenschild van de toneelvereniging.

Gelegen op een cartouche.

Het wapen bestaande uit een gestreept veld,

waarop een druiventros, gesteeld met twee bladeren.

Links versiert met een gebladerde eikentak.

Rechts versiert met een gebladerde lauliertak

Onder het wapen, een mascare-pot, kroon,

masker, zwaard, gesloten boeken en olielamp.

Met daaronder een banderol, met de tekst:

            GROEIEN EN BLOEIJEN

Opschrift:

DE WYNGAERD TE BRUSSEL


Keerzijde: Binnen een geprofileerde boord.

Een allegorisch figuur, leunend op een pilaar.

In beide handen een lauwerkrans.

Voor haar een tablet op een sokkel met de datering

                                  1657

                                  1907

Opschrift:

250 JARIG  /  JUBELFEEST

In de afsnede, de médailleur.

               N. DARGENT F.


_________________________________________________________



Ridders in de Orde van Malta 1930


Penning Belgische Vereniging van Ridders in de Orde van Malta.


Materiaal: Zilver.

Bewerking: Geslagen.

Massa: Onbekend.

Diameter: Ø 40 mm.

Aanmaakplaats: Onbekend.

Datering: 1930


Voorzijde: Binnen een geprofileerde boord.

Het wapenschild van de familie De Croÿ, getopt met een

toernooihelm met afhangend helmkleed.

Het wapen onder een gekroonde baldakijn van hermelijn.

Het wapen omsloten met de ketting van de Orde van Malta.

Opschrift in twee regels boven het wapen.

     S.A.S. PRINCE DE CROŸ-SOLRE

                   BAILLI-PRÈSIDENT

Onderaan het gesplitst jaartal:

                  19  /  30



Keerzijde: Binnen een geprofileerde boord.

Het kruis uit het wapen van de Ridderorde van Malta.

Omschrift:

   ASSOCIATION BELGE DES CHEVALIERS DE

L'ORDRE SOUVERAIN ET MILITAIRE DE MALTE

                                            ★ 1930


Tijdens de 12e eeuw bezat de Religieuze Orde van het Hospitaal van Sint Jan van

Jeruzalem (benaming van de Orde sinds 1113) in onze streken een groot aantal

landerijen, gegroepeerd in zeven commanderijen die afhingen van het Grootprioraat

van Frankrijk, dat sinds 1311 gevestigd was in de Tempel van Parijs.

In Henegouwen: de commanderij van Piéton,
in Brabant: de commanderijen van Chantraine, Tienen en Vaillanpont,
in de meierij van 's Hertogenbosch: de commanderij van La Braque,
in Vlaanderen: de commanderijen van Slijpe en Kaster,
in het land van Luik: de commanderij van Villers-le-Temple.

Belgen die wensten toe te treden tot de Orde, deden dit meestal via het Grootprioraat van Oostenrijk-Bohemen.

Om een einde te maken aan deze situatie richtten de Belgische Ridders de vzw 'Belgische Vereniging van de Ridders van de Soevereine Militaire Orde van Malta' op, waarvan de statuten op 11 januari 1930 werden gepubliceerd in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad en op 26 januari 1930 werden goedgekeurd door het Grootmeesterschap te Rome.


________________________________________________________